Te laat -3

What the hell! Zonet stond hij toch nog te spelen? Dora vertraagt haar pas. Zal ze teruggaan? Te laat, hij komt naar haar toe, gaat voor haar staan. Als de man die ze zo aantrekkelijk vond, het lijkt lang geleden, het is een maand. Maar hij is niet meer aantrekkelijk, integendeel.

‘Ga opzij……. asjeblieft.’

Hij beweegt niet, boort zijn ogen in die van haar. Dora slaat haar ogen neer en doet een pas opzij. Hij pakt haar schouders, trekt haar naar zich toe. Zijn vingers knijpen.

‘Ik wil het goedmaken, je moet naar me luisteren,’ zegt hij.

Dora rukt om onder zijn handen uit te komen, even laat hij haar los.

‘Geef me nog een kans.’

‘Je hebt kansen gehad.’

Dora drukt op de ontgrendeler van de auto. Boely pakt weer haar schouders, schudt haar door elkaar. Dora slikt ze kent zijn kracht als beoefenaar van de Bukti Negara, de Indische vechtsport.

‘We hadden het zo goed samen en dan alleen omdat ik …,’ zegt Boely.

‘Laat me toch los, ik geloof je niet meer.’

‘Laat het me uitleggen, het is niet wat je denkt, ik ben rustiger, geloof me.’

‘Het zijn niet alleen je leugens maar ook om…’

Ze kan de woorden niet uit aan mond krijgen, denkt aan haar blauwe oog, zijn handen om haar nek, zijn woede als iets hem niet zint.

Ze voelt de spieren van zijn armen aanspannen en haar verlammen. De lichten van de auto knipperen: ‘Kom dan’ roepen ze, maar Boely’s vingers knijpen diep in haar schouders, hij buigt zijn hoofd naar haar toe. Dora vertrekt haar mond, draait haar nek, kronkelt onder zijn handen.

‘Luister….’

Zijn ogen zijn klein en rood dooraderd, zijn lippen nat, zijn zwarte haar hangt in pieken over zijn voorhoofd. Aan haar haar trekt hij haar hoofd naar achteren met zijn andere hand pakt hij haar nek. Zijn lippen naderen. Dora wringt om los te komen. Als ze haar gezicht wil wegdraaien gaat er een steek door haar schedel.

Ze kan weer ademhalen! Ze is vrij! Een hoest ratelt door haar keel. Ze buigt dubbel. Als ze overeind komt en weer normaal kan ademen hoort ze omom zeggen:

‘Ik wil je hier nooit meer zien. Ga je spullen halen en neem je vrienden mee.’

Omom’s stem is bijna onherkenbaar. Hij heeft Boely bij zijn nek en sleurt hem van haar weg. Deed omom ook aan vechtsport? Ze denkt er verder niet over na, maar springt in haar auto schopt haar schoenen uit en wil het portier dichtslaan. Een schreeuw stopt haar. Als versteend zit ze, rechtop. Nog eens scheurt een rauwe kreet door de witte hitte. Ze springt de auto uit. Voor de deur van tantie’s woning ligt iets, een pak kleren. Uit haar rechterooghoek ziet ze een gestalte wegrennen. Dora merkt niet dat haar blote voeten in stukjes glas trappen, haar tenen tegen ongelijke stenen stoten, ze rent naar het huis naar hetgeen daar ligt en hoopt tegen beter weten in. Hoe dichterbij ze komt hoe harder haar hart bonkt. Naast het lichaam valt ze neer. Nee, nee, het is niet waar, het kan niet waar zijn. Ze had het moeten zeggen