Tagarchief: Erasmus

Slaapkledij door de eeuwen heen (I)

Foto: Pinterest

In de middeleeuwse herbergen was het gewoon dat men het bed met vreemden deelde. Men sliep naakt. In de 16de-17de eeuw verandert deze gewoonte heel geleidelijk. Een Poolse officier in Zweden vertelt terloops dat hij de kamer moet delen met twee meisjes die zich volledig ontkleden in zijn aanwezigheid alvorens naar bed te gaan. Een Franse generaal in Baden slaapt op een kamer waar twee naakte meisjes van 19 jaar in bed liggen (wright, Warm, p. 125).

Zo kunnen tientallen bewijsplaatsen worden aangevoerd waaruit blijkt dat het om een gewoonte gaat. In een der dialogen uit de Colloquia beschrijft Erasmus hoe men zich in de Duitse gasthoven uit- en aankleedde in het bijzijn van iedereen, ongeacht de sekse. Dan legde men zich naakt te bed. Zelfs in sommige kloosterorden was het naaktslapen de gewoonte. Dit gebruik was zo algemeen dat de persoon die in de zestiende eeuw zijn daghemd zou aangehouden hebben om naar bed te gaan, ervan verdacht werd een ziekte of een lichamelijke misvorming te hebben.

In De civilitate morum puerorum libellus van Erasmus (1526) is er geen sprake van nachtkledij, maar wel van het bedekt houden van het lichaam. Kinderen moeten bij het ontkleden en het in bed liggen met anderen ‘de schroomvalligheid indachtig zijn’ (memor verecundiae), d.i. het lichaam voldoende bedekt houden.

Foto: ebooks.adelaide.edu.au

Foto:commons.wikimedia.org

Men leert de naaktheid, ook wanneer zij functioneel verantwoord is, opmerken bij anderen en bij zichzelf. Van belang is ook de psychologische motivering van de beleefdheidsformule: door de aanblik van het eigen lichaam mag men de andere niet in verwarring brengen.

Een volgende fase in deze ontwikkeling is het dragen van een nachthemd. Marguerite de Navarre vermeldt als curiosum in haar Heptaméron (1559) slaapklederen voor vrouwen. In de zestiende eeuw krijgt deze luxe een zekere verspreiding in de toonaangevende standen.

 

Bron:http://www.dbnl.org

Getagged , , , , , , , ,

‘Stremming van sappen en vogten’

sappen en vogten

Uit ‘Van Ussels Geschiedenis van het Seksuele probleem’ een vervolg op de geschiedenis van het slapen gaan.

In De civilitate morum puerorum libellus van Erasmus (1526) is er geen sprake van nachtkleding, maar wel van het bedekt houden van het lichaam. Kinderen moeten bij het uitkleden en bed liggen met anderen ‘de schroomvalligheid indachtig zijn’ (memor verecundiae), d.i. het lichaam voldoende bedekt houden. Men leert de naaktheid, ook wanneer zij functioneel verantwoord is, opmerken bij anderen en bij zichzelf. Van belang is ook de psychologische motivering van de beleefdheidsformule: door de aanblik van het eigen lichaam mag men de andere niet in verwarring brengen. Een volgende fase in deze ontwikkeling is het dragen van een nachthemd. Marguerite de Navarre vermeldt als curiosum in haar Heptaméron (1559) slaapklederen voor vrouwen. In de zestiende eeuw krijgt deze luxe een zekere verspreiding in de toonaangevende standen.

Aan de jongeren leert men hoe zij zich gehinderd moeten voelen. Er zijn echter talloze aanwijzingen waaruit men kan afleiden dat het gebruik van nachtkledij bij de jeugd op het einde van de 18de eeuw niet algemeen aanvaard was. A. Franklin somt de kledingstukken en andere textielwaren op die de pensionnaires van de collèges moeten meebrengen. Er wordt geen vermelding gemaakt van nachtkleding, behalve slaapmutsen (coeffes de nuit). In een boekje van franse herkomst, waarschijnlijk geschreven rond het einde der 18de eeuw, leest men: ‘Spring schielijk uyt uw bed. Indien ‘er iemand in uwe kamer bevind, heb zorg u te dekken, opdat men niet zie het geèn dient verborgen te zijn’. Ook dan sliep men in sommige milieus nog naakt. In de 18de eeuw wijst men er de jeugd voortdurend op dat het bed en het slapen een ernstige zaak zijn. Alle lichtzinnigheid moet vermeden worden. Men ontwerpt voorschriften die gesteund worden door hygiënische motieven, maar die in feite dienen om de onzedelijkheid te verbannen: dadelijk inslapen om ’s morgens fris te zijn; vlug uit het bed bij het ontwaken; niet op de rug slapen (dit zou masturbatie verwekken); zich goed toe dekken om verkoudheden te vermijden; een nachthemd aantrekken om snel te kunnen vluchten in geval van nood, enz. J. Stuve noemt rond 1787 het volledig of gedeeltelijk naaktslapen gevaarlijk, het ‘veroorzaakt een stremming van de sappen en vogten’.

Tegenwoordig constateert men een ontwikkeling in tegenovergestelde zin. Het naaktslapen raakt in zwang bij de groep van de hogerontwikkelden, zgn. uit hygiënische overwegingen, terwijl de lagere standen vasthouden aan de gewoonten die ze waarschijnlijk in de 19de eeuw van de burgerij overnamen. Opvallend is ook het generatieverschil: jongeren slapen in deze tijd waarschijnlijk in groter getal naakt dan de generatie van hun ouders.

Getagged , , , ,